June 2nd, 2014

Club

Over de oprichting van V.V. Groede is weinig concreets bekend. Ook verschillen de lezingen hier omtrent nogal eens. Volgens een van de lezingen vond het eerste voetbal-gebueren in Groede omstreeks 1918 plaats. Rond die tijd waren er soldaten gelegerd in Groede. Dezeheren voetbalden regelmatig op de weide van de kinderen Brakman. Al snel kwamen hier enkel jongens uit Groede bij en ook enkele leerlingen van de normaalschool (= de pedagogische academie) voegden zich bij “de club”. Hieruit voortvloeiend werd rond 1921 de vereniging “Blauw-Wit” opgericht. De voorzitter hiervan werd een sergeant die met een meisje uit Groede getrouwd was. Echter deze vereniging was geen lang leven geschonken en is dan ook na enkele jaren opgegeven. Toch werd het voetbal niet de rug toegekeerd en uit het zogenaamde straatvoetbal werd toen de V.V. Groede geboren. Feitelijk was het een aaneenschakeling van oprichten en ten gronde gaan. De verenging bleef in feite wel bestaan maar dan kwam er wel eens een nieuw bestuur en ook werden de reglementen regelmatig vernieuwd. De spelers waren in deze periode steeds dezelfde personen want andere sporten waren er toen nog niet.

Een andere lezing is die van dhr. A. van Uxum. Hij belicht de oprichting op een andere manier en zegt hierover: “ Voor zover ik het me nog kan herinneren kreeg ik op mijn 15de verjaardag (12 mei 1926) een tientje cadeau. Dat was voldoende om een echte voetbal te financieren. Ik moest mijn centen wel terug hebben en we besloten om met een groepje jongens een club op te richten. De zekerheid dat ik mijn centen terug kreeg was een gok, daarom werd ik zelf de penningmeester. Ook werd een balbewaarder aangesteld.

Uit deze twee totaal verschillende verhalen, wordt al snel duidelijk dat niemand eigenlijk precies weet hoe de vereniging nu echt ontstaan is. Een feit is wel dat Groede inmiddels een voetbalclub had. Uiteraard beschikte de V.V. Groede in de beginperiode nog niet over een eigen voetbalveld. Het was daarom noodzakelijk om o zoek te gaan naar een geschikt veldje waar op gevoetbald kon worden. Gelukkig waren een aantal mensen bereid om hun weiland beschikbaar te stellen aan de plaatselijke voetbalclub. Een weiland wel te verstaan. Absoluut niet te vergelijken met die prachtige velden van tegenwoordig. Het veld waar in die tijd op gevoetbald werd, was gewoon een weiland, ietwat hobbelig en ook rijkelijk voorzien van molshopen en koeienvlaaien. De weilanden waar V.V. Groede in de loop der jaren op gespeeld heeft zijn onder meer: de weiden van de Gebr. Brakman, de weide “ De veertien gemeten” (waar nu ’t Torentje staat), de weide van Dhr. Van ’t Westeinde, een weide oostelijk gelegen van Groede Podium, de weide van de Gebr. Brakman, de bergweide bij de alom bekende “Vluchtheuvel”, de weide van Dhr. A. Dhont ( dit is eigenlijk het eerste officiële speelveld). Daarnaast was het strand tonedertijd ook erg belangrijk. In de beginperiode werd regelmatig een balletje getrapt op het mulle zand.

Zo wordt er nu om de beurten uit en thuis gespeeld, dat was vroeger wel anders. De voetbalwedstrijden van Groede werden in de beginperiode grotendeels “uit” gespeeld. Zo moesten de spelers bijvoorbeeld naar Driewegen, de Roodenhoek of de Hoogweg. Af en toe werd er een wedstrijd thuis, in Groede gespeeld. Een van de eerste tuiswedstrijden werd afgewerkt op de weide van Dhr. I. de Roo. De vereniging was toen al in het bezit van twee ballen en doelpalen. Voor deze thuiswedstrijd werden het toenmalige sterke HOV (Breksens) en Aardenburg uitgenodigd. Wie wou komen kijken moest entree betalen. Een dubbeltje werd aan de kijkers gevraagd. Na afloop was het batig saldo ruim dertig gulden.

Uiteraard is er door de jaren heen heel wat veranderd. Denk maar aan een eigen voetbalveld. In 1957 werd het huidige complex aan de Traverse in gebruik genomen. In 1984 werd de kantine geopend, welk geheel door eigen leden was gebouwd. Deze kantine bleek al gauw te klein en in 1986 is men met de uitbreiding van de kantine begonnen. Er werd niet alleen een stuk aangebouwd, er kwam ook een ruimte waar de bestuurskamer in gemaakt werd. In 2006 werd door een grote groep vrijwilligers de kantine eens onder handen genomen. De houtkleuren maakten plaats voor de clubkleuren blauw met wit en het plafond werd vernieuwd. In 2010 werd er ruimere en modernere bestuurskamer bijgebouwd, deze werd achter de kantine geplaatst. Ook kreeg de kantine een TV en een computer voor muziek.

 

Leuke gebeurtenissen
Zoals het vervoer ook vandaag de dag een belangrijke plaats inneemt, speelde dit ook in de geschiedenis van de club een grote rol. Voor- en vlak na de oorlog ging alles op de fiets. De ouwtjes kunnen hierover nog met trots vertellen. Daar mag je nu niet meer aan denken, het hele elftal op de fiets, maar vroeger was dit de gewoonste zaak van de wereld. Volgens de mannen van vroeger was het gezamenlijk reizen met de fiets de gezelligste manier van reizen die maar te bedenken viel. Natuurlijk had niet iedereen een fiets maar dat was geen ramp. De “fietsloze” werd bij iemand op de stang neergezet en weg waren ze. Dhr. G. Dhont had toendertijd een rode fiets. Dhr. K. Lauret beschikte over een damesfiets met een zogenaamde blokketting. Helaas brak deze ketting nogal eens. Naast het gezamenlijk fietsen kwam het ook wel voor dat men met de bus van bakker Brakman op stap ging om te voetballen in Draaibrug of op de Roodenhoek. Het kwam weleens voor dat de bus te vol geladen was en deze hierdoor dienst weigerde. Er zat niet anders op dan… duwen. Maar dat deerde de mannen van vroeger niet. Ze waren al blij dat er gevoetbald mocht worden, want vroeger werd dit nogal eens door de ouders verboden. Zo was er Dhr. R. Hol, die van zijn ouders niet op zondag mocht voetballen. Op een zondag was hij er dan toch stiekem vandoor gegaan om te voetballen. Hij mocht die zondag meespelen in plaats van Dhr. Risseeuw. Uiteraard moest hij spelen in de kleding van J. Risseeuw. Dat was niet bepaald leuk voor Risseeuw want Hol kon nu eenmaal beter….
Dan waren er nog de gebroeders Verschoore. Leuke jongens. Achiel was de spits en had geen moeite om per wedstrijd 6 a 7 doelputen te scoren. Dan was er nog Raymond en tenslotte Camiel. Hij was de verzorger van de beide broers en sleepte altijd hun hele hebben en houwen overal mee naar toe. Wanneer er iets verkeerd ging viel het woordje “god sie nokke” nogal eens uit zijn mond. De beste speler en de spil (letterlijk en figuurlijk) schijnt in de beginjaren Dhr. C. van Acker geweest te zijn. De “ hardste lel” kwam echter van Dhr. J. Keymel, al wist hij zelf nooit waar de bal terecht zou komen.
Tegenwoordig klaagt men nogal eens dat er zoveel onregelmenairs gebeurt op en rond het veld maar als we de verhalen van vroeger mogen geloven, konden onze jongens er toen ook wat van. Bij de streekderby’s tussen Groede, Oostburg en Breskens vlogen de vonken er nogal eens af. Dat kon ook niet anders want er werd namelijk in die tijd nog op klompen gelopen en deze werden niet alleen maar gebruikt om tegen een bal te schoppen.

Hoogte en diepte punten
Het is misschien ook wel interessant om iets over het wel en wee van onze elftallen op de velden te vertellen. Dat doen we niet in chronologische volgorde maar dat mag geen bezwaar zijn. In het voetbalseizoen 1942/1943 werd het toenmalige eerste elftal kampioen. Om te promoveren moest er een promotiewedstrijd gespeeld worden. In Biervliet werd er gevoetbald tegen de mannen van St. Jansteen. Deze partij liep voor ons totaal verkeerd af. Bij een 1 – 0 achterstand kregen we een penalty, de kans om de wedstrijd weer gelijkt te trekken. De specialist a la Neeskens trad aan en…. Inderdaad de bal ging naast. Een dure misser want uiteindelijk gingen we met 6 – 1 ten onder. In het seizoen 1950 – 19